Viewer voor webcontent (JSR 286)

Acties
Bezig met laden...

Uniemerk

Een Uniemerk biedt in één keer bescherming voor alle (momenteel 28) landen van de Europese Unie. Uniemerken worden geregistreerd door het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) dat is gevestigd in Alicante (Spanje).

Een voordeel van een Uniemerk is dat u voor (relatief) weinig geld bescherming kunt krijgen in een groot gebied. De kosten bedragen 850 euro voor een online depot voor één klasse en 1.000 euro voor een papieren depot.

Een markt van bijna 500 miljoen inwoners klinkt aantrekkelijk, maar dit voordeel kan tegelijkertijd een nadeel zijn. Rechten komen immers in de regel niet zonder verplichtingen en bij een territoriaal zo uitgestrekt recht zijn die navenant groter. Voor een Uniemerk geldt het principe “alles of niets” en bescherming in een gebied waar u niet actief bent, kan risico’s met zich meebrengen. Niet alleen in de registratiefase, maar ook bij de instandhouding en handhaving van het recht.

Registratie

Het EUIPO moet een merk in alle EU-talen beoordelen en wanneer het bijvoorbeeld beschrijvend blijkt te zijn in één taal, wordt de inschrijving geweigerd. Een Uniemerk moet immers in alle EU-landen onderscheidend zijn, zoals door het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU, zaak C-25/05) is bevestigd). Verder kan een bezwaar van een derde uit eender welk EU-land tot gevolg hebben dat het Uniemerk wordt geweigerd (in een oppositie) of later wordt doorgehaald (in een nietigheidsprocedure). Alleen al het percentage opposities tegen Uniemerken ligt boven de 15%. Het risico dat het merk niet of pas na langdurige, ingewikkelde en vaak dure procedures wordt ingeschreven, moet dus in overweging worden genomen.

Dit risico wordt weliswaar enigszins weggenomen doordat een Uniemerk in zo’n geval kan worden omgezet (geconverteerd) in nationale depots, maar dat is, zeker wanneer het om meer landen gaat, al gauw tamelijk ingewikkeld en duur. Bovendien wordt de bescherming daarbij versnipperd over allemaal aparte depots in verschillende landen, hetgeen het beheer van de merkenportefeuille lastiger maakt en de verlenging van alle afzonderlijke registraties veel duurder. Door een Uniemerk “in te bouwen” in een internationaal merk, kunnen deze nadelen worden ondervangen.

Instandhouding
Wanneer een merk is ingeschreven, moet het worden gebruikt. Een merk dat binnen vijf jaar na registratie niet normaal is gebruikt, kan vervallen worden verklaard.

Het HvJEU heeft in de zaak ONEL / OMEL (C-149/11) bepaald dat, omdat een eu-merk in territoriaal opzicht een ruimere bescherming geniet, redelijkerwijs kan worden verwacht dat het op een groter grondgebied wordt gebruikt dan een nationaal merk. Het Hof heeft daarbij overwogen:

“Van een Uniemerk wordt „normaal gebruik gemaakt” in de zin van artikel 15, lid 1, van verordening nr. 207/2009 wanneer het wordt gebruikt overeenkomstig de wezenlijke functie ervan en teneinde in de Europese Unie marktaandelen te behouden of te verkrijgen voor de door dit merk aangeduide waren of diensten. Het staat aan de verwijzende rechter om te beoordelen of deze voorwaarden zijn vervuld in het hoofdgeding, gelet op alle relevante feiten en omstandigheden, zoals met name de kenmerken van de betrokken markt, de aard van de door het merk beschermde waren of diensten, de territoriale en kwantitatieve omvang van het gebruik alsook de frequentie en de regelmaat ervan.”

Wanneer u kiest voor een Uniemerk ligt de lat voor instandhoudend gebruik dus duidelijk hoger dan wanneer u kiest voor een nationaal merk.

Handhaving (optreden tegen inbreuk)
Tenslotte is ook het handhaven van een recht – en dat is uiteindelijk de reden waarom u uw merk beschermt – in zo’n groot gebied lastiger. Wanneer u kiest voor merkbescherming in een veel groter gebied dan waar u actief bent, is de kans op conflicten navenant groter. En dat geldt twee kanten op. Enerzijds kan, wanneer er waar dan ook in de EU al een ouder merk of een oudere handelsnaam bestaat die gelijk is aan of overeenstemt met uw merk, dit fatale gevolgen hebben voor uw Uniemerk. En anderzijds geldt dat wanneer er later binnen de EU een ander bedrijf een zelfde of overeenstemmend merk gaat voeren, ook al is dat in een gebied waarin u misschien helemaal niet actief bent of geen belang bij heeft, u er verstandig aan doet om uw Uniemerk te handhaven. Als u namelijk een jonger merk langer dan vijf jaar hebt gedoogd, kunt u daartegen later, wanneer de andere partij misschien wel in uw vaarwater terechtkomt, niet meer optreden. Zowel het onderzoek naar oudere rechten als het monitoren van en optreden tegen jongere rechten, is dus in geval van een gemeenschapsmerk van groot belang en vaak een kostbare aangelegenheid.

Conclusie Uniemerk
Met een Uniemerk kan voor (relatief) weinig geld bescherming in de hele EU worden verkregen. Het risico dat die bescherming uiteindelijk niet of pas na langdurige, ingewikkelde en vaak dure procedures wordt verkregen, is echter niet te onderschatten. Verder kunnen er, zowel op het gebied van de instandhouding van het recht, als op het gebied van de handhaving ervan nadelen kleven aan een Uniemerk.

Als een merk in de hele EU of een aanzienlijk deel ervan wordt gebruikt, kan het gemeenschapsmerk een aantrekkelijke optie zijn. Er zijn echter ook andere mogelijkheden, zoals een internationaal merk of een Uniemerk via een internationaal depot, die, zeker wanneer u niet in (een aanzienlijk deel van) de EU actief bent, of wanneer u dat juist ook buiten de EU bent, meer mogelijkheden en zekerheid lijken te bieden.

Ons Informatiecentrum kan u informeren over de te volgen procedure.