In de jaren 90 veranderde er veel in de merkenpraktijk

Blog J. Elzas

“Toen ik in 1983 in het diepe werd gegooid binnen de merkenpraktijk Polak & Charlouis, zag de wereld van merkbescherming er heel anders uit dan nu. Jaarlijks werd er een boek uitgegeven met alle Benelux-merken op alfabetische volgorde. Natuurlijk was dat op de dag van verschijnen alweer verouderd.” Aan het woord is Joop J. Elzas. Hij werkt als gemachtigde bij Arnold & Siedsma, een juridisch bureau op gebied van uitvindingen, merken en modellen. Elzas draait al ruim dertig jaar mee in de wereld van de intellectuele eigendom. Hij neemt ons mee terug in de tijd en blikt vooruit. 

“In het begin van mijn carrière stonden alle gegevens in kaartenbakken. Er waren aparte kaartenbakken voor merken, merkhouders, inschrijvingsnummers en vernieuwingsdata. Wilde je echt zekerheid, dan moest je het Bureau (red: in de IE-wereld de aanduiding voor BOIP) bellen. Had je een inschrijvingsnummer dan was het gratis, wilde je weten of een bepaald merk identiek voorkwam, dan moest je 22 gulden afrekenen.  

Automatisering had uiteraard een grote invloed op de merkenpraktijk. In de jaren negentig van de vorige eeuw kwamen er echter meer veranderingen. Naast het Verdrag van Madrid, dat al jaren bestond, kwam er een Protocol van Madrid om meer landen te laten aansluiten. Het Europese merk werd van kracht. Binnen de Benelux gingen we toetsen op absolute gronden. Dat was wel even wennen voor de gemachtigden. In 1996 verzekerde het Bureau ons dat ze uitsluitend in het uiterste geval zouden weigeren. Je moest het dus wel heel bont maken om een weigering te krijgen. Natuurlijk was de praktijk al snel heel anders. Weigeringen kwamen er wel degelijk en in de meeste gevallen geheel terecht.

Een conflict bloedde snel dood 

Ook het bezwaar maken ging vroeger anders. Als je bijvoorbeeld bezwaar wilde maken tegen een Benelux-merk van een derde, dan schreef je een verontwaardigde brief. Meestal kreeg je een brief terug met de boodschap dat van inbreuk helemaal geen sprake was. Wellicht was er dan nog wat correspondentie, maar meestal hield het daarbij op. Er bestond in die tijd geen mogelijkheid om oppositie in te dienen. Bovendien was er nog geen systeem van volledige kostenvergoeding bij IE-rechtszaken. Naar de rechter stappen was dus altijd een duur grapje. In de meeste gevallen bloedde een conflict dan ook dood.  

De introductie van het oppositiesysteem zorgde ervoor dat het maken van bezwaren makkelijk en betaalbaar werd. Langzaam maar zeker kunnen we in de Benelux hetzelfde als wat in andere landen al eerder kon. We hebben nu een breder systeem van opposities. Wij kunnen nu bijvoorbeeld een actie tot nietigheid indienen, terwijl dat vroeger uitsluitend via de rechtbank liep. En - voor de professionals die net als ik al een tijdje meedraaien – we zijn gelukkig ook al jaren af van het indienen van afbeeldingen in twintigvoud op hoogglanspapier.  

Dichtslibben van de merkenregisters 

Hoe kijk ik naar de toekomst? Als grootste probleem zie ik het dichtslibben van merkenregisters. Het is op zich al moeilijk genoeg om een merk te kiezen dat niet identiek of overeenstemmend bestaat. Als dat dan wel lukt, dan gebeurt het vaak genoeg dat er toch een identiek of overeenstemmend merk in het register staat, dat nog nooit voor de desbetreffende producten en/of diensten is gebruikt.  

Gelukkig is er nu een financiële drempel om extra klassen te claimen. Toch zien we nog steeds dat merkaanvragen ingediend worden met een veelvoud aan klassen. De vraag is of de merkhouder al die klassen wel nodig heeft. De consequentie is dat de merkhouder vijf jaar kan optreden. Sommige merkhouders - zonder enig duidelijk economisch belang - maken hier gretig gebruik van. Ik voorzie dat dit probleem in de toekomst alleen nog maar groter wordt. Daarom zou er een systeem moeten komen waarbij de merkhouder een bonafide intentie tot gebruik moet hebben.”  

Proud heritage, bright future
BOIP bestaat 50 jaar. Dit jubileum grijpen wij aan om stil te staan bij ons rijke verleden. En laten we zien dat we uitkijken naar de toekomst. Met het thema ‘Proud heritage bright future’ nemen we je mee in 50 jaar intellectuele eigendom (IE). In deze gastblogs vertellen IE-professionals hoe zij terugkijken of hoe ze de toekomst zien. 

Deel deze pagina